Off Campus: Van Eigen-dom Naar Stad.

Over het stedelijk beheer van institutionele grondposities

22.03.2018 → 19:30
locatie: Abdijkerk STAM
spreker: Jan Mannaerts

Onder de titel ‘Off Campus: Van Eigen-dom Naar Stad. Over het stedelijk beheer van institutionele grondposities’ nodigt De Stadsacademie je uit in het STAM voor een lezing door Jan Mannaerts gevolgd door een publiek debat. Jan Mannaerts is medeoprichter van het bureau 360 architecten. Daarnaast is hij gastprofessor aan de vakgroep Architectuur en Stedenbouw (UGent) en lid van de recent geïnstalleerde Gentse Kwaliteitskamer.
De twintigste eeuwse stadsrand wordt getekend door een landschap van autonome campusachtige enclaves. Scholen, ziekenhuizen, zorginstellingen en bedrijven vonden hier, in de historische periferie van de stad, plaats om uit te breiden, los van de beperkingen en randvoorwaarden eigen aan de stad. Vandaag zijn deze campussen door de stad ingehaald. Het resultaat is een landschap van grote en kleine spelers, van institutionele eilanden tussen woonwijken, met een grote schaaldiversiteit en een vaak onduidelijke grens tussen publiek en privaat gebruik.

Elke instelling is ontstaan en gegroeid vanuit een eigen rationaliteit: de (sociale) welvaart zo functioneel mogelijk organiseren. De omvang van deze taak dwingt instellingen om hun huishouden constant ter herdenken en uit te breiden. Vele van deze instellingen zijn vandaag ook bezig met het ontwikkelen van masterplannen en toekomstvisies. Deze zijn doorgaans vooral de uitdrukking van de eigen organisatorische doelen en zeggen weinig over de relatie met de veranderde context. Hier en daar wordt gedacht aan de verkoop van een stukje campus, of van een betere ontsluiting, maar de vraag naar de stedelijke valorisatie van deze campussen wordt niet gesteld.

In deze sessie willen we de zin en onzin van een nieuwe kruisbestuiving van deze grote institutionele enclaves en de stad verkennen. Waar biedt de stad sleutels voor beheerskwesties die de instelling overstijgen, van autodelen, wijkverwarming, tot water en afval beheer? Waar zitten kansen voor meer sociale interactie, voor een levendigere gebruik door de dag en de week heen, voor verbeterde sociale veiligheid? Welke organisatie en rechtsvormen zijn hier voor nodig en wie bewaakt het economisch evenwicht tussen lusten en lasten? Nemen de instellingen hun verantwoordelijkheid op rond verdichting en zorgvuldig ruimtegebruik en aan wie komt dan de meerwaarde op verdichting toe?